Waarom moeten alle kinderen leren programmeren?

Alle kinderen, ja, echt alle kinderen moeten programmeren! Waarom vind ik dat eigenlijk? Moet iedereen dan soms programmeur worden ofzo? Nee toch! Nou, nee, dat is niet waarom ik het zo belangrijk vind.

Geen zin om te lezen? Je kunt ook dit filmpje bekijken 🙂

 

Wat is programmeren?

Om goed duidelijk waarom iedereen moet kunnen programmeren, moet je eigenlijk eerst goed weten wat programmeren is. Mensen (die niet programmeren) denken vaak dat programmeren alleen maar is: het intikken van geheime codes zoals in de matrix.

Maar dat is maar een beperkt beeld! Vergelijk het maar eens met schrijven. Als ik zeg dat ik een boek ga schrijven, dan dan snapt u allemaal best dat ik niet alleen maar bedoel ik open Word op mijn computer en ik ga letters intikken. Een boek schrijven daar hoort natuurlijk van alles bij! Ook bij bedenken wat er in dat boek komt, en misschien ook een een uitgever zoeken en mensen je boek laten lezen. Misschien pas je dan dingen aan en schrijf je nog een keer op. Al die dingen verenigen wij probleemloos onder het idee van ‘schrijven’.

Op dezelfde manier dat al die dingen eigenlijk schrijven zijn, is programmeren helemaal niet alleen maar geheime codes intikken. Het is ook een plan maken. wat moet er nou eigenlijk in dat programma komen en jouw programma en iemand anders laten lezen denkt hij dat dit een beetje ergens op slaat of niet nu is het me moeten af denk ik van dat beeld van programmeren als geheime codes en veel meer naar het beeld van programmeren is iets creëren is in smaken en net zo breed als bijvoorbeeld schrijven

Waarom moet iedereen dat dan kunnen?

Volgens mij zijn er vier hele belangrijke reden waarom iedereen in de samenleving een beetje zou moeten kunnen programmeren.

Beroepsperspectief

De eerste reden is het beroepsperspectief, en voor je meteen begint de mopperen dat we helemaal niet weten wat voor banen er nodig zijn in de toekomst, ik helemaal niet dat iedereen programmeur moet worden! Het zou natuurlijk wel leuk zijn als meer mensen programmeur zouden worden want er is ontzettend tekort aan op dit moment, maar het gaat er veel meer over dat in allerlei soorten beroepen programmeren heel belangrijk is en nog belangrijker gaat worden.

Denk maar aan een juf of meester op school. Vroeger schreef je leerkracht een rapport met de vulpen en gaf je dan je rapport mee. De data stond alleen op dat velletje en nergens anders. Maar nu voeren leerkrachten hun cijfers in, in ‘leerlingvolgsystemen’ dan kan je dus opeens dingen gaan afvragen wie het de nou in de vierde klas echt heel veel slechter dan in de derde klas. En die data die heb je. Maar als die data niet op een manier in dat systeem zit dat jij die er makkelijk uit kan trekken dan moet je misschien toch zelf een klein beetje programmeren die data in Excel downloaden en zelf even een grafiekje tekenen. Dan ben je dus all aan het programmeren, en doordat je dat doet kun je je leerlingen beter begrijpen en helpen.

In allerlei soorten beroepen gaat programmeren op die manier steeds belangrijker worden. En zelfs als je zelf niet gaat programmeren dan moet je wel een beetje snappen wat er allemaal kan met programmeren anders kan je het ook niet gebruiken in je beroep.

Ik geef daarbij altijd een voorbeeld van een bioloog. Stel je voor je bent bioloog en jouw opdracht is om te meten hoeveel roodborstjes er in Nederland zijn. Stel je voor dat jij nog nooit een computer hebt gezien. Wat kan je dan doen om roodborstjes te meten? Denk maar eens na hoe dat jij dat zou moeten doen. Het enige dat je eigenlijk kan doen is “afvinken”: met je verrekijker rondlopen en als je een roodborstje ziet snel een streepje zetten, en dan heel Nederland rond. Dat gaat wel ff duren.

Maar stel je nou voor dat je een heel klein beetje weet wat computers voor kracht hebben, dan kan je bedenken dat je app wilt, waarin alle mensen aan kunnen geven dat ze een roodborstje zien. Dat schiet lekker op. En hoef ik dus niet zelf te maken maar ik moet wel snappen dat dat iets is wat iemand zou kunnen maken en dat dat niet vreselijk moeilijk is. Want dan kan ik als bioloog kan zeggen nou vraag naar mijn baas een paar duizend euro en dan heb ik die app en dat scheelt met de auto rondrijden. Maar dat kan alleen als je een beetje een beeld hebt van programmeren.

En ik kan nog veel meer als ik nog net iets meer van computers weet. Dan kan ik bijvoorbeeld foto’s van Facebook en van Twitter halen en dan kan ik met een algoritme kijken of op iedere foto een roodborstje staat. Maar dan moet ik dus wel weten dat er zoiets is als beeldherkenningsoftware. En ook hier geldt, ik hoef het echt niet helemaal zelf te maken maar ik moet wel dat besef hebben dat computers in plaatjes dingen kunnen herkennen.

Nog een andere optie is tekstanalyse. Ik zou ook nog alle digitale boeken van de Nederlandse bibliotheek downloaden en dan zoek ik op het bord ‘roodborstje’. Misschien zie ik dan dat er in een bepaalde regio dat meer wordt geschreven over roodborstjes in het verleden, en nu juist minder, en dan kan ik daar ook conclusies uit trekken. Maar dan moet ik wel weer weten dat er zoiets is als tekstanalyse die zo’n tekst kan lezen, en dat het best realistisch is dat de computer een miljoen boeken leest en kijkt of er het woord roodborstje in staat.

Al die die dingen, die mijn beroep als roodborstjesbioloog veel makkelijker maken, kan ik alleen maar verzinnen als ik een beetje besef hebt van programmeren. En dat is dus wat ik bedoel met programmeren voor beroepsperspectief. Helemaal niet iedereen aan het werk als programmeur, maar wel wel iedereen aan besef van wat de computer voor je kan doen.

De wereld om ons heen snappen

De tweede reden dat zo belangrijk is dat iedereen iets van software snapt is om een deze samenleving goed te kunnen snappen. Als ik het nieuws kijk, niet alleen het achtuurjournaal maar ook het jeugdjournaal al, dan lijkt het wel een software bulletin! Okee, misschien een beetje beroepsdeformatie maar er is wel heel veel software in het nieuws! Denk maar aan de Amerikaanse verkiezingen vorig jaar met Russische hackers en de e-mails van Clinton. Als je echt wil snappen wat daar gebeurd is, als je je bijvoorbeeld een oordeel wilt vellen over of het onverantwoord was van Hillary Clinton om e-mails op haar eigen privé server te draaien, dan moet je wel iets snappen van wat email is en wat een server is. Je zag dat in de discussies hierover er echt een onbegrip bij mensen was over dat besluit, onder andere vanwege een begrip aan kennis over software.

Ook dichter bij huis speelt dit, bijvoorbeeld Amsterdam en Airbnb. Willen wij eigenlijk dat Silicon Valley zoveel invloed eigenlijk heeft op hoe onze Amsterdamse binnenstad de uitziet? Als we dat niet willen, dan kun je misschien bedenken dat wij als Amsterdam of Nederland een eigen Airbnb programmeren om de verhuur zelf beter in de hand te hebben. Maar die discussie kan je alleen maar voeren als je zelf ook begrijpt wat software is anders weet je helemaal niet of dat realistisch is. Kost dat een miljoen of een miljard? Dat gaat er dus weer niet over dat je als wethouder van Amsterdam een eigen Airbnb moet kunnen programmeren, maar moet wel kunnen snappen hoe moeilijk zoiets is en wat de impact daarvan is.

Dus om het nieuws goed te kunnen snappen en dan politie te kunnen beïnvloeden moet je eigenlijk tegenwoordig wel iets van programmeren en software weten

Programmeren is ook een uitingsvorm

De derde reden dat ik programmeren zo belangrijk is dat programmeren ook een uitingsvorm is. Met programmeren maak je niet alleen games of websites maar ook kunst, animaties schilderijen of muziek.

Je kunt programmeren ook gebruiken om je emoties uiten in een programma. Wij maken met onze lessen bijvoorbeeld ook een soort virtueel huisdier programmeren daar kun je je creativiteit in kwijt door te bedenken wat dat dier allemaal gaat doen en of hij dat wel of niet leuk vindt. En je kunt in een animatie ook je emoties programmeren, kijk maar eens hier:

[hier link naar hassan wil niet spelen]

Een heel mooi maar ook verdrietig verhaal is dat van een vader in Amerika, een programmeur die zijn zoontje verloor aan kanker. Vreselijk natuurlijk als dat gebeurt. Een een ander zou misschien een lied of een boek schrijven of gaan schilderen, maar wat hij maakte een computersimulatie. In dat spel beleef je de ziekte van zijn kind opnieuw en moet je ook steeds een keuze maken in echte situaties. Doen we nog een keer chemo of doen een operatie of laten we het gaan. De simulatie is zo geprogrammeerd dat het niet uitmaakt wat je kiest, het kind gaat toch dood aan het einde. Door dit te programmeren kon de vader zijn verdriet plaatsen en ook vrede hebben met het feit dat wat hij ook gekozen had, het toch hetzelfde was afgelopen.

Een heel zwaar en akelig voorbeeld maar toch ook heel mooi. Programmeren is ook iets waar je je mee kan uiten op een manier die rijker kan zijn dan tekst. Als je in een boek al die keuzes wilt verwoorden dan is dat veel lastiger. Je kunt iets gebruiken van blader naar bladzijde 10, maar dat is toch wel iets heel anders dan een simulatie.

Ik gun alle mensen en alle kinderen dat als ze flink chagrijnig zijn dat ze dan gewoon lekker programma maken hun vader of moeder of van hun juf of meester om er eens lekker boos tegen te zijn in de computer. Heerlijk is dat om even in een fantasiewereld te leven waar je lekker alle regels zelf kan bepalen.

Gelijkheid

De vierde en laatste reden dat programmeren voor iedereen zo belangrijk is, is voor gelijkheid in Nederland. Als je kijkt naar de wereld zoals hij nu is, dan zie je dat het toch vooral relatief rijke witte jongens zijn die het maken in de techniek en in het programmeren. Een van de dingen die je daartegen kan doen is is vroeg beginnen.

We weten bijvoorbeeld van meisjes die al zo jong als zes zeggen “ik denk niet dat ik kan programmeren”. Zelfs meisje die nog nooit geprogrammeerd te hebben zeggen dit al, gebaseerd op het beeld dat ze ban hun omgeving krijgen. Daar moet je dus vroeg bij zijn om te zorgen dat zij die positieve ervaring hebben die ze leert dat ze dat wel kunnen. Want de kans is natuurlijk klein dat ze het zelf op gaan zoeken als ze al denken dat ze het niet kunnen. Em dat ligt natuurlijk niet aan die meisjes! We hebben onze hele samenleving zo ingericht dat vanaf de kleinste speelgoedjes de jongens al meer gestimuleerd worden om te bouwen, en meisje meer gestimuleerd worden om andere soorten spelletjes te doen zoals poppen en het huishouden met een speelgoedstofzuiger. De situatie is nog nauwelijks beter dan bij mijn eerste blogpost uit 2011.

En het probleem van vroeg beginnen speelt niet alleen voor meisjes, maar ook voor mensen uit lagere sociaal-economische klassen. Wisten jullie dat er meer dan 1 miljoen mensen zijn in Nederland die nog nooit internet hebben gebruikt? Dat kunnen wij ons bijna niet voorstellen met een laptop en tablet en nog een paar computers in huis, maar er zijn heel veel gezinnen in Nederland waar het helemaal niet zo vanzelfsprekend is dat er in laptop is, dat er internet is, en dat kinderen daar mee mogen spelen. Omdat er nog geen informaticaonderwijs op het po is, en zelfs maar nauwelijks op het vo, dan zie je dus dat er heel veel kinderen zijn die nooit de kans hebben gehad om zelfs maar het begin van een interesse te ontwikkelen.

Als we dus willen dat ons werkveld diverser wordt, moeten we zorgen dat programmeren en digitale vaardigheden vroeg en verplicht in het curriculum komen wat anders missen we mensen en daarmee ideeën!